Juli 2017 Goede praktijken in Vlaamse kinderopvang

Maatschappelijke kinderopvang: blik op de toekomst

De stad Gent in Oost-Vlaanderen wordt vaak genoemd als voorbeeld van een competent systeem op het gebied van kinderopvang, waarin beleid, ondersteuning en praktijk goed zijn afgestemd en gezamenlijk ‘good practices’ tot stand brengen in de kinderdagverblijven van de stad. Wat kunnen we leren van onze buren? In het kader van het ISOTIS project, gericht op het bevorderen van onderwijskansen voor kinderen met een andere culturele of taalachtergrond, ben ik op bezoek geweest bij verschillende kindercentra in Gent. Eén springt eruit.

Het Gentse kinderdagverblijf de Tierlantuin ligt midden in een kwetsbare buurt en vormt een klein paradijs voor kinderen en ouders. De inrichting is fraai. Elke groepsruimte is uitgerust met speelhoeken met een eigen thema (zoals fantasiespel of natuur). Die speelhoeken verschillen. Geen groepsruimte is hetzelfde en dat maakt het voor de kinderen spannend om alle ruimten te verkennen, ook die van andere groepen. Er is een grote gemeenschappelijk speelruimte en een eigen bibliotheek met boeken in verschillende talen. Daarnaast is er een zeer ruim opgezette tuin met veel speelruimte, verschillende speelhoekjes (zoals een keukentje in de struiken) een kabouterhutje waar activiteiten aangeboden worden (zoals muziek maken en voorlezen), en een blote-voeten-pad. Er zijn ook konijnen en kippen in de tuin. De kinderen vanaf 6 maanden slapen, als ouders dit op prijs stellen, buiten in speciale bedjes. Toch is dit niet het meest indrukwekkende van dit kinderdagverblijf.

Dit kinderdagverblijf is een mooi voorbeeld van een buurtgerichte voorziening waar diversiteit omarmd wordt en waar iedereen welkom is (ook de mensen uit de buurt). Alles in dit kinderdagverblijf, met inbegrip van de mensen die er werken, straalt inclusie uit. De basisprincipes respect voor diversiteit en actieve participatie zijn geïmplementeerd op alle niveaus van het beleid en gericht op het kind, de ouders, de buurt en het team.

Op het kindniveau wordt er uitgebreid aandacht besteed aan de relatie met thuis. Het belang van de thuistaal, de waarde ervan en waar mogelijk de ondersteuning daarvan in de opvang, is een vanzelfsprekendheid. Zo hangen er op verschillende plekken in het kinderdagverblijf woordenlijsten in de meest voorkomende talen van de kinderen (bijv. Turks en Spaans). Maar er is ook samen met de ouders een bibliotheek gebouwd in de hal met een comfortabele leeshoek waar kinderen alleen of samen met de pedagogisch medewerkers of met hun ouders kunnen lezen. Deze boekjes worden ook uitgeleend, zodat ouders ook thuis met hun kinderen kunnen lezen. Er zijn tweetalige boeken (Nederlands en een andere taal) en boeken in verschillende andere talen (bijv. Turks, Frans, Grieks, Italiaans) of over specifieke onderwerpen, zoals over diversiteit. Samen met de ouders is er een boekje gemaakt van de omgeving waar het kinderdagverblijf ligt wat heel herkenbaar is voor de kinderen. Ouders zijn samen met de kinderen een rondje gaan lopen in de buurt en hebben foto’s gemaakt van alles wat ze tegenkwamen en interessant vonden (bijvoorbeeld de trambaan) en dit gebundeld in een boekje.

Alle ouders worden betrokken bij de beleidsvorming van het centrum en bij de uitvoering ervan de pedagogische praktijk. Er wordt goed gekeken naar de behoeften en wensen van ouders in lijn met het diversiteitsbeleid en er wordt maximaal geïnvesteerd in het informeren van ouders. Er is sprake van een gelijkwaardige relatie tussen ouders en de medewerkers, en de gewoonten van thuis worden zoveel mogelijk overgenomen (bijvoorbeeld slapen in een hangdoek als een kind thuis veel gedragen wordt). Het informatieboekje over de huisregels en organisatorische zaken is geschreven in eenvoudige taal en geïllustreerd met pictogrammen, plaatjes en foto’s om er zeker van te zijn dat de meest basale informatie (over bijvoorbeeld afmelden en betalen van dagdelen) altijd duidelijk en begrijpelijk is. Er zijn twee keer per jaar tevredenheidsgesprekken waarin de dialoog met ouders wordt aangegaan en ze mee kunnen denken en beslissen over het (pedagogische) beleid. Daarnaast wordt er regelmatig een koffieuurtje (of ontbijtochtend, taartmiddag) gehouden voor ouders, al zijn andere mensen uit de buurt ook welkom om hierbij aan te sluiten. Eten verbindt mensen, is het adagium. Ook worden er regelmatig workshops voor en door ouders georganiseerd (bijvoorbeeld ‘muziek op schoot’). Verder wordt er ondersteuning geboden aan ouders bij het doorverwijzen naar de juiste instanties en begeleiding bij het navigeren door het woud van diensten en instanties wanneer dit nodig is. Een concreet voorbeeld hiervan is het ondersteunen van ouders bij het tijdig inschrijven van hun kind voor de basisschool. Dit is in Vlaanderen een redelijk complex systeem met vaste inschrijfmomenten en het opgeven van een voorkeurs top 5. Veel kansarme ouders, en zeker degenen die thuis een andere taal spreken, hebben onvoldoende inzicht in hoe dit complexe systeem werkt. Daarom hangt er in de hal een groot planningsbord met de maanden van het jaar en de deadlines die te maken hebben met het inschrijven voor school met daarbij de foto’s van de kinderen als reminder voor de ouders dat het tijd is om hun kind in te schrijven. Eventueel wordt verdere begeleiding op maat geboden door informatie in de eigen taal te verstrekken. Het meest ver strekkende voorbeeld van inclusie van ouders is echter het tewerkstellingsproject voor ouders die geen adequate (voor)opleiding hebben. Ouders, meestal moeders, kunnen gedurende een periode van 5 jaar een individueel duaal opleidingstraject tot kinderverzorgster volgen, met baangarantie na afloop, door mee te lopen in het kinderdagverblijf en daarnaast één dag per week naar school te gaan. Dit initiatief wordt gesubsidieerd door de stad Gent, maar het zijn de pedagogisch medewerkers van het kinderdagverblijf die de begeleiding op de werkvloer bieden. Door dit initiatief is er sprake van een divers team van medewerkers dat een goede afspiegeling vormt van de buurt waar het kinderdagverblijf staat.

Daarnaast heeft het kinderdagverblijf een sterke wijkfunctie. De buurt wordt als waardevolle leef- en leeromgeving gezien. Zo zijn buurtbewoners betrokken geweest bij het ontwerpen en vormgeven van de tuin toen het kinderdagverblijf werd opgericht. Het kinderdagverblijf heeft een grote tuin met kippen en konijnen die verzorgd worden door de buurtbewoners. De buurtfunctie blijkt ook uit de maandelijkse ‘soep op de stoep’ gebeurtenis die samen met lokale welzijnsorganisaties georganiseerd wordt om de sociale cohesie in de buurt te verstevigen. Kinderen en medewerkers doen samen boodschappen en maken de soep. Buiten is een kraam opgezet met tafels en stoelen er om heen om de soep uit te serveren. Alle mensen uit de buurt kunnen gratis een kopje soep komen eten waardoor de relatie met de buurt verder wordt versterkt. We zagen in een video van een van deze soep events dat jong en oud hier op af komt.

Tot slot is er op het niveau van het team veel aandacht voor diversiteit en inclusie. Er wordt expliciet gekozen voor een diverse samenstelling van het team. Dit heeft niet alleen betrekking op gender, leeftijd en culturele achtergrond, maar ook op specifieke kennis of kunde. Verder wordt er gewerkt aan de hand van de zes DECET principes. In de basis betekent dit dat iedereen het gevoel heeft dat hij/zij erbij hoort en gestimuleerd wordt om zijn/haar eigen identiteit te ontwikkelen. Andere uitgangspunten zijn het kunnen leren van elkaar, over culturele en andere grenzen heen kunnen kijken, en het actief kunnen participeren. Aan de hand van open communicatie en leergierigheid gaat iedereen bewust om met mogelijke vooroordelen en wordt er samengewerkt aan het bestrijden hiervan. Het samen vormgeven van de dagelijkse pedagogische praktijk is een inherent onderdeel van de werkwijze in de Tierlantuin en vindt plaats in het reguliere teamoverleg door middel van reflectie en uitwisseling met elkaar.

De Tierlantuin is een mooi voorbeeld van hoe een kinderdagverblijf een maatschappelijke en sociale functie vervult die participatie van kinderen, ouders, de buurt en het team bevordert. Diversiteit en verschillen worden niet alleen omarmd, maar er is sprake van inclusie – iedereen mag er zijn en hoort erbij!


2 gedachten over “Juli 2017 Goede praktijken in Vlaamse kinderopvang

  1. Erica Vij

    Wat een prachtig compleet verhaal van de werkwijze van dit kinderdagverblijf!
    Waar beginnen we na het lezen van dit mooie voorbeeld?
    Een rijke leeromgeving is een goed vertrekpunt denk ik!

    Reageren

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *